Wijs en waardevol investeren

De ene brooddoos is de andere niet. Dat blijkt uit een fotoreportage van Lieve Blanquaert onlangs in De Morgen. Ze bezocht drie Gentse scholen en vroeg leerlingen hun brooddozen te openen. Zo ontstond een bonte verzameling foto’s. Sommige brooddozen zijn gevuld met verse broodjes van de bakker, omzoomd met druiven of komkommer. Andere bevatten slechts wat verkruimelde koekjes. “Soms is de koelkast thuis een beetje leeg”, bekent de 12-jarige Adinda.

Een foto toont de brooddoos van de 13-jarige Sarah. Zij moet haar schooldag zien door te komen met wat paprikachips. “Wij hebben niet veel eten thuis”, zegt Sarah. “Ik voel ook geen honger. Wanneer ik opsta, eet ik niets. Soms drink ik een glas water. De eerste hap eet ik ’s middags. Dan krijg ik een boterham van een vriendin. Ik weet dat het ongezond is om niets te eten, maar ik heb nooit honger en het is sterker dan mezelf. Ik wil ook graag heel mager blijven. Er is wel altijd voedsel tekort. Soms eet ik een appel of een komkommer.”

Foto door Katerina Holmes op Pexels.com

Contrast

Mager blijven, dat is Sarahs ideaal. Waarom zou dat zijn? Grote kans dat het haar niet om een schoonheidsideaal te doen is, maar dat Sarah haar ouders niet tot last wil zijn. Door letterlijk zo min mogelijk ruimte in te nemen, vraagt zij niets van hen wat ze niet kunnen betalen. Welke impact zal dat hebben op de rest van haar leven? De 13-jarige Sarah is een van de vele tragische voorbeelden van hoe armoede je leven kan tekenen.

Het contrast met de leefwereld van de superrijken kan nauwelijks groter zijn. Onlangs werd bekend dat 1.200 Belgen verdachte fiscale constructies hebben in belastingparadijzen, de zogenaamde Pandora Papers. Maar er is niets nieuws onder de zon, want al in 2015 kwamen de Panama Papers boven water. Video-opnamen van de gevangen Russische oppositieleider Aleksej Navalny tonen de exorbitante rijkdom van onder andere oud-president Demitri Mededev. Villa’s, ondergrondse ijshockeystadions, wijngaarden, wagenparken. In zo’n wereld lijken lege brooddozen eindeloos ver weg.

Zelfverrijking

Jezelf verrijken ten koste van de ander, het is een thema dat de menselijke geschiedenis doortrekt. Welke eeuw we ook onder de loep nemen, altijd stuiten we wel op voorbeelden van schandalen, zwendel of uitbuiting. Zelfverrijking is blijkbaar een neiging die diep in de mens geworteld zit. Een overlevingsdrang van the survival of the fittest. Achter de menselijke hebzucht schuilt het idee van schaarste: er is niet genoeg voor iedereen, dus als ik pak wat ik pakken kan, dan ben ik in ieder geval verzekerd van een goed bestaan.

Maar wat zegt de Bijbel daarover? Is ons economische model ook God’s Economy? In het Bijbelboek Deuteronomium bepleit Mozes een kijk op zaken die misschien zal verbazen.

Sabbatsjaar

Denk je eens in: je gaat naar de bank, want je hebt het huis van je dromen gezien en je wilt weten of je dat kunt betalen. Een financieel adviseur ontvangt je, slaat aan het rekenen en zegt: “Je hebt 270.000 euro aan hypotheek nodig en over een looptijd van 20 jaar betaal je 1,25 procent rente”. Dat is de normale gang van zaken, nietwaar? Tenzij Mozes je financieel adviseur is.

Want dit is wat Mozes tegen de Israëlieten zegt: “Elke zeven jaar moeten jullie degenen die bij je in het krijt staan, al hun schulden kwijtschelden”. Wat houdt dat concreet in? Het betekent dat als je bij de bank 270.000 euro leent en zes jaar lang keurig je maandelijkse termijnen hebt voldaan, je daarna plots een telefoontje krijgt. “Meneer of mevrouw, wij hebben goed nieuws voor u. Dank u voor de afbetaling, u hebt genoeg betaald. De rest van de hypotheek mag u vergeten; het huis is vanaf nu voor u.”

Foto door Thirdman op Pexels.com

Dat is een nogal onalledaagse manier van bankieren. Toch brengt Mozes dat als een cruciaal spiritueel principe achter de manier waarop de Israëlieten hun economie vormgeven. Het getal zeven staat in de Bijbel symbool voor de volheid, zeven jaar is de cyclus van het sabbatsjaar. Mozes belooft dat als het volk zes jaar werkt en winst maakt, en het zevende jaar alles aan de Eeuwige overdraagt, het door God Zelf gezegend zal worden.

“U zult over vele volken leningen verstrekken, maar zelf hoeft u niet te lenen. U zult over veel volken macht uitoefenen, maar zij niet over u.”

Deuteronomium 15, 6

Slaaf

Opmerkelijk is dat de wortel van het Hebreeuwse woord dat hier voor “lenen” wordt gebruikt, nauw verbonden is met de term “slaaf”. En dat is ook waar de wijze koning Salomo voor waarschuwt:

“Een rijke heeft macht over armen; wie leent, is een slaaf van wie uitleent.”

Spreuken 22, 7

Voor veel mensen is dat bittere realiteit. Juist op momenten dat het leven niet loopt zoals je had gepland, kan een lening aantrekkelijk lijken. Je koopt die wasmachine op afbetaling, en voor een klein bedrag per maand extra kun je er nog een tv bij nemen. Een nieuwe wereld opent zich en plotseling lijken de mogelijkheden eindeloos. Maar dan komen de facturen, en voor je het weet ben je zeven jaar later nog altijd spullen aan het afbetalen die inmiddels versleten zijn.

Foto door Tima Miroshnichenko op Pexels.com

Loonbeslag

Mijn vader werkte op de salarisadministratie van een grote verfproducent, zijn broer – mijn oom – was deurwaarder. Terwijl de één loonbeslagen moest uitvoeren, haalde de ander op gerechtelijk bevel huizen leeg. Beide zagen de mens in zijn grootste financiële kwetsbaarheid. En wat opviel: de grootste problemen deden zich meestal niet voor in sociale huurwoningen.

Opvallend vaak waren het de mensen met een luxe levensstijl. Zij leken alles te hebben: een dure auto, een mooi huis, driemaal per jaar een luxe vakantie. Voor de ogen van de wereld leken deze mensen rijk en succesvol. Maar vorderde de bank zijn geld terug, dan stortte hun leven als een kaartenhuis in elkaar. De levensstijl van deze mensen was niet gebouwd op wat zij hadden, maar op wat zij zo graag wilden zijn.

De buitenwereld zag de luxe, maar niet hoe deze mensen ’s nachts wakker lagen, zich afvragend hoe zij met het ene gat het andere konden dichten. Tot er onherroepelijk een moment kwam dat het niet meer lukte. Dan kwam de bank met een grote naald en prikte de zeepbel door. Wie ben je dan nog? Wat blijft er over als alles waarop je je identiteit had gebouwd, als zand onder je wegglijdt?

“Wie leent, is de slaaf van wie uitleent”, waarschuwt koning Salomo. Dat is nu precies waarom die algemene kwijtschelding zo belangrijk is; dat systeem voorkomt dat binnen het volk Israël de één teveel macht krijgt over het leven van de ander. Mozes voegt daar nog aan toe dat je niet berekenend mag denken: “het jaar van de kwijtschelding komt eraan”, en dan zes jaar lang alles voor jezelf mag houden. Als de Israëlieten een arme tegenkomen, moeten ze diep in de buidel tasten en alles geven wat die arme nodig heeft.

Foto door Jimmy Chan op Pexels.com

Jezus’ visie op economie

In het Marcusevangelie komt ook Jezus met een visie op economie. Maar terwijl we Jezus in het christendom meestal associëren met verlossing van de strikte wetten van Mozes, hanteert Hij hier regels die nog veel strenger zijn….

Een man komt bij Jezus en vraagt: “Goede meester, wat kan ik doen om het eeuwig leven te beërven?” Jezus begint de geboden op te sommen. Hij zegt: “Je kent de geboden: niet doden, niet echtbreken, niet stelen, niet vals getuigen, niemand tekort doen, je vader en moeder eren”, waarop de man antwoordt dat hij die vanaf zijn jeugd heeft onderhouden. Maar dan kijkt Jezus hem liefdevol aan en zegt:

“Een ding ontbreekt je: verkoop alles wat je bezit en geef het aan de armen, en daarmee zul je een schat bezitten in de hemel. Kom dan terug en volg mij.”

Marcus 10, 17-30

Waar de Israëlieten in Deuteronomium konden volstaan met een “algemene kwijtschelding”, vraagt Jezus hier plotseling alles. Geen 1/7 deel, maar de volle 100 procent. Niks geen genade zou je zeggen, de prijs is alleen maar hoger geworden.

Vergankelijke dingen

Hoe kan dat nu? Willen we dat begrijpen, dan moeten we dieper stilstaan bij de man om wie het gaat. Deze man is opgegroeid met de Mozaïsche wet en hij houdt zich braaf aan allerlei regeltjes. Maar Jezus kijkt dieper en ziet hoe het met zijn hart gesteld is. Het leven van deze man is niet geworteld in Gods Liefde, maar gebouwd op materie, op status, rijkdom en succes. Op vergankelijke dingen. Zijn identiteit is er zelfs zodanig mee verweven, dat hij ten diepste hoopt dat Jezus juist dat niet van hem zal vragen. Want dat is niet de prijs die hij wenst te betalen.

Je rijkdom zal je uiteindelijk niet redden, dat is wat Jezus hier duidelijk maakt. Veel mensen geloven dat de werkelijkheid louter uit materie bestaat. Als dat zo is, en als ons leven op aarde louter toeval is en geen hoger doel dient, lijkt het logisch om zoveel mogelijk materie te vergaren. Om rijkdommen te verzamelen en te genieten zolang je leeft. Dat is ook wat de superrijken in de Pandorapapers doen. Maar zelfs als je bankrekening volloopt, kan je hart pijnlijk leeg blijven.

Foto door Redrecords u00a9ufe0f op Pexels.com

Kies voor wat blijft

Door de eeuwen heen klinkt dezelfde waarschuwing: menslief, waarom steek je al je energie toch zo graag in het vergaren van rijkdom en bezit, dingen die uiteindelijk verloren gaan en die je niet kunt meenemen, terwijl je ook kunt investeren in het koninkrijk van God? In de ontwikkeling van je ziel, in het groeien in liefde en in gerechtigheid? Die dingen neem je mee en zullen voor eeuwig blijven.

In een wereld van Pandora- en Panamapapers dagen Mozes en Jezus ons uit tot een ander economisch bewustzijn. Om onszelf niet weerspiegeld te zien in de glanzende billboards van de commercie, maar daar op dat plein in de stad, waar de bedelaar zit. En in die school in Gent, waar dat meisje met schaamte haar lege brooddoos opent.

Laten wij juist in zulke situaties het verschil maken. Want door de bedelaar wat geld en onze glimlach te schenken, verlichten wij niet alleen zijn last maar ook onze eigen ziel. En door de brooddoos te vullen van een hongerig kind, voeden wij tevens ons eigen hart. Want zoals de joodse filosoof Emmanuel Levinas benadrukt: wij zijn allemaal verbonden. Het is in het aangezicht van de ander, dat wij telkens opnieuw onszelf zien.

Verlang jij ook naar een eeuwig rendement? Tel je zegeningen, en investeer in wat werkelijk wijs en waardevast is!

Foto door fauxels op Pexels.com

Meer lezen?

  • Deuteronomium 15, 1-11
  • Marcus 10, 17-31

Deze tekst is gebaseerd op de preek van zondag 10 oktober 2021 in protestantse kerk De Brabantse Olijfberg aan de Lange Winkelstraat in Antwerpen. Preken zijn online te bekijken via YouTube.

Gepubliceerd door Kelly Keasberry

Kelly Keasberry (1975) studeerde theologie aan de Universiteit Utrecht, gevolgd door Wereldreligies & Interreligieuze Dialoog en Journalistiek, beide aan de KU Leuven. Ze werkt als journalist voor het Vlaamse christelijke opinieblad Tertio en gaat als freelance predikant voor binnen diverse kerken in België en Nederland. Samen met haar man Joost en vier zonen woont ze in Antwerpen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: