‘Als je de hele dag Bijbelteksten herhaalt,’ vroeg een vrouw, ‘hoe blijven ze je dan eigenlijk bij?’
Ze kwam uit een protestantse traditie en bracht een weekend door in de abdij van Affligem. Het gezongen Bijbelteksten reciteren, zoals monniken dat al eeuwenlang doen, was voor haar onbekend terrein.

Toch is zingen en reciteren een vorm van contemplatie die wereldwijd voorkomt. Niet alleen in het christendom, maar ook in het jodendom, de islam en het hindoeïsme.
Reciteren is meer dan herhaling alleen. Door teksten te herhalen – of het nu Bijbelverzen zijn of mantra’s – komt het brein in een andere, meditatieve staat. Woorden blijven je niet alleen bij, maar worden langzaam onderdeel van jezelf. Ook de bekende Taizé-liederen van Jacques Berthier zijn op dit principe gebaseerd.
Eenvoudigweg ontvangen
Ik ken deze praktijk. Misschien was ik als theoloog juist daarom naar de abdij gekomen: om teksten eens niet te hoeven bestuderen, analyseren of uitleggen. Om ze eenvoudigweg te mogen ontvangen. Om ze te laten zijn.
Zoals je het water van de zee mag bewonderen zonder het in een kuiltje te hoeven vangen. Zoals je dankbaar mag zijn voor het graan op het veld zonder er brood van te moeten bakken. Zoals je zaad mag uitstrooien zonder precies te weten waar het zal ontkiemen.

Voor de vrouw met wie ik sprak was dat minder vanzelfsprekend. Ze vroeg zich af wat teksten betekenen als je er niets mee doet. Wat heb je aan woorden die niet worden uitgelegd, toegepast of geanalyseerd?
Ik herken die vraag. Niet alleen als pastor, maar ook als academicus en journalist.
Kunnen we de dingen nog laten zijn zoals ze zijn? Of moeten we er altijd iets van maken? Moeten teksten eerst worden ontleed, gekneed en in een preek, theorie of stelling gegoten voordat ze écht tot ons kunnen spreken?
Woorden wikken en wegen
De afgelopen maanden werkte ik aan een onderzoeksvoorstel. Tot driemaal toe werd mij gevraagd het aan te passen. Revisie na revisie. Woorden wikken en wegen.
Misschien herken je het wel: als je ergens te lang op blijft broeden, verlies je het zicht op het geheel. Je raakt verstrikt in details. En na eindeloos schaven en herschrijven kan er een moment komen waarop je je afvraagt: herken ik hierin eigenlijk nog mijn eigen stem?
Juist daarom voelde Bijbelteksten reciteren als een verademing. Niet omdat denken onbelangrijk is, maar omdat niet alles gedacht hoeft te worden. Soms mogen woorden eerst landen voordat ze worden uitgelegd.
Voor een paar dagen hoefde ik niets te produceren. Geen analyse. Geen argumentatie. Geen resultaat.
Ik mocht gewoonweg luisteren.
En misschien is dat wel een van de moeilijkste oefeningen van deze tijd: onszelf ontslaan van de plicht om alles te begrijpen, alles te beheersen en overal iets van te vinden.

Het licht doorgeven
De apostel Paulus schrijft: ‘In mijn zwakheid ben ik sterk.’ (2 Korinthiërs 12:10) Dat klinkt als een paradox, maar daarmee wijst hij op iets dat we gemakkelijk vergeten. Onze diepste kracht ligt niet in controle, kennis of deskundigheid. Die ligt in het besef dat we niet alles hoeven te dragen.
Wij zijn niet de bron van het licht. Wij mogen het doorgeven.
Zoals een graankorrel die vrucht draagt zonder zichzelf te verklaren. Zoals de oceaan die groter blijft dan het kuiltje van ons verstand. Zoals een gebroken kruik waar toch water uit geschonken wordt.
Aan het einde van de dag hoeven we niet alles te weten. Het is genoeg om onszelf te zien als een kanaal van Gods liefde en licht. Ook als we gebroken zijn. Misschien juist dan.
Zin om het zelf te ervaren? Eindig je dag eens met een eenvoudig Taizé-lied of met je favoriete tekst. Niet om het te analyseren, maar om te reciteren. En laat de woorden vervolgens hun werk doen.
Wat is jouw favoriete tekst of lied? Deel je inspiratie in de reacties!

Geef een reactie