De jaloersheid van God. Een onbegrepen liefde

Nog niet zo lang geleden wees iemand mij op twee Bijbelteksten die schijnbaar met elkaar in tegenspraak zijn.

“Maak geen godenbeelden van iets wat in de lucht, op de aarde of in het water onder de aarde is. Ga niet zulke beelden aanbidden en dienen. Want Ik, jullie Heer God, ben een jaloers God en Ik wil niet dat jullie andere goden aanbidden.” (Exodus 20:1-6)

“De liefde is geduldig, zij is vriendelijk, de liefde is niet jaloers, de liefde pronkt niet, zij doet niet gewichtig.”(1 Korinthe 13:4)

Zo op het eerste gezicht lijkt dat best verwarrend. Sommige christenen concluderen daardoor dat de God van het Oude Testament onmogelijk dezelfde kan zijn als die van het Nieuwe Testament. De God van Abraham lijkt streng en straffend, terwijl de God die Jezus vertegenwoordigde, juist liefdevol en genadig is. Maar klopt dat wel? Of schuilt er juist een diepere boodschap achter deze schijnbare tegenstrijdigheid?

Is God bezitterig?

Laten we beginnen bij het moment dat God zijn wet aan het volk Israël geeft, in Exodus 20. Hier openbaart God zichzelf als een jaloers God, die zijn verbond met Israël ernstig neemt. Hij roept zijn volk op om geen andere goden te aanbidden en geen beelden te maken om die te vereren. Waarom? Omdat God een jaloers God is.

Maar wat voor jaloezie is dit precies? Het Hebreeuwse woord dat in Exodus 20:5 wordt gebruikt is qana (קנא) wat letterlijk jaloers of naijverig betekent. Dat kan ons een ongemakkelijk gevoel geven. Jaloezie wordt in onze wereld vaak geassocieerd met een innerlijk tekort; met het verlangen naar iets dat van een ander is. Jaloezie in menselijke relaties kan leiden tot woede, bezitterigheid, afgunst en controle. Je kunt je afvragen: hoe kan de Schepper van hemel en aarde, die alles heeft doen ontstaan, jaloers zijn? Als alles van en uit de Bron is, wat heeft Hij dan nog van ons nodig?

El-Qana: een betekenisvolle combinatie

Laten we eens kijken naar de Hebreeuwse grondtekst. Het woord qana is verbonden met qin’a, wat hartstocht, ijver, woede of jaloezie kan betekenen. De wortel קנא had oorspronkelijk te maken met rood worden. Niet omdat God letterlijk rood zou aanlopen van woede, maar omdat de kleur rood wijst op onze meest primitieve consideraties. Dat komt in vele talen terug. In het Nederlands bijvoorbeeld in de woorden roodgloeiend, rood aanlopend of een rode communicatiestijl. In het Engels wordt dit weerspiegeld in het woord rude.

Maar er is nog iets opvallends aan de hand met het Hebreeuwse woord Qana. In de grondtekst staat dit niet los van Gods naam. Er staat El-Qana, een combinatie van El (God) en Qana. De benaming El wordt in het jodendom al geassocieerd met chesed, de eigenschap van onvoorwaardelijke liefde. Wanneer Qana aan deze naam wordt verbonden, zegt dat iets over de aard van Gods liefde voor ons. Het gaat niet om een eenvoudige vergelijking van God met menselijke jaloezie, maar om een beschrijving van de manier waarop God ons liefheeft.

Balans en rechtvaardigheid

De strenge teksten in het Oude Testament stellen veel christelijke gelovigen voor uitdagingen. Het kan verleidelijk zijn om de jaloerse God in Exodus te negeren en liever door te bladeren naar die mooie tekst van Paulus over liefde in 1 Korinthe 13. Maar als we beter kijken, zien we dat Gods jaloezie en zijn liefde eigenlijk twee kanten van dezelfde medaille zijn. Ze horen bij elkaar, net als de twee vleugels van een duif, en samen zorgen ze voor balans en rechtvaardigheid.

Foto door Pixabay op Pexels.com

In de joodse mystiek worden de goddelijke eigenschappen gevurah (strengheid) en chesed (genade) gezien als twee polen die elkaar in evenwicht houden. Ze zijn als de vleugels van een duif; zonder de een kan de ander niet bestaan.

Ouders kennen dat principe maar al te goed. Als we alleen streng zijn voor onze kinderen, creëren we duidelijkheid in regels, maar we kunnen tekortschieten in liefde. Aan de andere kant: als we alleen genadig zijn, wordt het moeilijk om grenzen te stellen en onze kinderen te leiden.

De christelijke Bijbel weerspiegelt die balans. In het Oude Testament staat Gods gerechtigheid centraal. Het Nieuwe Testament focust op Gods liefde en genade, in ultieme vorm belichaamd in Jezus Christus. Die twee kanten staan niet los van elkaar; ze zijn allebei waardevol. Ze houden elkaar in evenwicht, net zoals de eigenschappen gevurah en chesed dat doen in de joodse traditie.

We zien die balans ook terug in het onderwijs van Jezus. Enerzijds maakt hij duidelijk dat hij niet gekomen is om de wet te ontbinden. Hij zegt dat er geen tittel of jota van de wet zal vergaan (Mattheüs 5:17-18). Anderzijds leert hij dat de liefde de vervulling is van de wet (Romeinen 13:10, Matthëus 22:37-40).

Jaloezie en liefde. De onverbrekelijke verbinding

Precies zo is het met jaloezie en liefde. Zoals we zagen, is het Hebreeuwse woord Qana verbonden met El. Dit is de naam van God die al wordt geassocieerd met liefde en genade. Deze verbinding betekent dat Gods jaloezie niet losstaat van zijn liefde. Integendeel, het is juist een uitdrukking van hoe diep en oprecht God ons liefheeft.

“Liefde is niet jaloers,” zegt Paulus in de Korinthebrief. Dat lijkt in tegenspraak met de jaloerse God Exodus 20:5, zeker als je bedenkt dat God liefde is. (1 Johannes 4:8, 4:16) Maar de kleur van de liefde is niet toevallig rood. Rood wordt geassocieerd met vuur en passie. Ware liefde laat geen ruimte voor onverschilligheid. Ze komt niet tot haar essentie als ze op zichzelf blijft staan, maar vindt haar kracht wanneer ze wordt beantwoord en gedeeld.

De roep van El-Qana: een leven van toewijding

De naam El-Qana, die zowel liefde als jaloezie omvat, is een krachtige herinnering om Gods aangezicht te zoeken in alles. Zoals David het verwoordde:

“Voor U zegt mijn hart: ‘Zoekt Mijn aangezicht’. Uw aangezicht Hashem, zal ik zoeken.” (Psalm 27:8)

Niet uit angst voor straf, maar vanwege het diepe besef dat er in dit leven geen nobeler doel bestaat. We jagen vaak talloze doelen na – rijkdom, status, relaties – om uiteindelijk tot de slotsom te komen dat ze ons niet langdurig kunnen vervullen. Zelfs de meest waardevolle partner kan ons niet eeuwig gelukkig maken of al onze behoeften bevredigen.

Dus wat heeft die ogenschijnlijk tegenstrijdige boodschap in de Bijbel ons vandaag te vertellen? Gods jaloersheid is geen teken van egoïsme, maar een uiting van diepgaande, onvoorwaardelijke liefde voor ons. Het is een liefde die ons aanspoort om afstand te nemen van de afgoden van deze wereld – hebzucht, macht en prestige – en te streven naar wat werkelijk belangrijk is. Gods jaloersheid is niet op zichzelf gericht, maar op ons; op ons welzijn. Want alleen door verbonden te zijn met onze Bron kunnen we ware voldoening vinden.

Geniet van een mooie nieuwe week! ♡

DISCLAIMER

Bijbelteksten over jaloezie en geweld zijn zijn al eeuwenlang onderwerp van discussie. Dit is een perspectief, waarnaast er nog andere bestaan.


Comments

Geef een reactie

Ontdek meer van Geworteld Geloven

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder