Eeuwige rijkdom

De afgelopen week reisde paus Franciscus naar Canada, waar hij namens de katholieke kerk zijn excuses aanbood aan de inheemse gemeenschap. Tijdens een emotionele ceremonie werden 4.000 kinderen geëerd die de internaten niet overleefden. Instituten die deze inheemse kinderen hadden moeten heropvoeden tot “nette Canadese burgers”. Maar die hen beroofden van hun cultuur, hun familie, hun identiteit en soms zelfs hun leven.

De wereld blijft achter met een pijnlijke vraag. Hoe kon geestelijk, lichamelijk en soms ook seksueel misbruik daar op zo’n grote schaal plaatsvinden? Hoe is het mogelijk dat mensen zich massaal te buiten gaan aan ontmenselijking van de ander? En bovenal… in naam van God?

Het antwoord is…. macht.

De kostscholen in Canada waren een groots opgezet regeringsbeleid, waarbij de katholieke kerk 60 procent van de internaten in handen had. Goed leiderschap is nodig in een samenleving. Maar als macht een systeem wordt waarbinnen mensen hun kritisch denken uitschakelen en er geen hogere moraal prevaleert, dan kan er van alles misgaan.

Seksschandalen

Niet alleen in ons vermogen tot volgen, maar ook in ons vermogen tot leiden schuilt een gevaar. We geloven graag in leiders die met frisse idealen de politiek, de kerk of een bedrijf binnenstappen en die ook jaren later nog altijd verrassend “gewoon” zijn gebleven. Veel leiders beginnen inderdaad zo. Maar als je eenmaal in een bepaald systeem zit, kan het soms knap lastig zijn om moreel zuiver te blijven.

“Macht is het ultieme afrodisiacum”, zei de nationale veiligheidsadviseur van Richard Nixon en Henry Ford. Dankzij de hashtag #metoo gingen de misstappen van veel machtige mannen viraal. Toch gaan ook vrouwen niet vrijuit. Naarmate zij vaker machtige posities bekleden, scoren ook de leading ladies vaker met wangedrag de krantenkoppen. Bij het misbruik van de inheemse bevolking van Canada waren ook vrouwen betrokken.

Foto door Anete Lusina op Pexels.com

Zeven hoofdzonden

De Nederlandse psycholoog Jaap van Ginneken schreef het boek “Verleidingen aan de top”. Daarin stelt hij dat mensen met macht een bovenmatige neiging hebben om te ontsporen. Ik citeer:

“De werkelijkheid is dat hun psychologie ingrijpende veranderingen ondergaat naarmate ze dichter bij de top van de sociale piramide komen en daar langer blijven.

Ze omringen zich met ja-zeggers en proberen kwaadsprekers op een zijspoor te rangeren.

Ze beginnen te geloven in hun eigen bijzondere kwaliteiten en voorbestemming, en weigeren in te zien dat ze geleidelijk steeds meer toegeven aan de zeven verleidingen of hoofdzonden.”

Jaap van Ginneken

Hij noemt de Zeven Hoofdzonden. Dat brengt ons bij het christendom. De Zeven Hoofdzonden, in de zesde eeuw opgesteld door paus Gregorius I, zijn gebaseerd op de Bijbelse moraal. Ze zijn het tegenovergestelde van de zeven kardinale deugden. In onderstaand rijtje vermelden we ze alle zeven. Telkens eerst de zonde, dan de deugd.

  • Lust – kuisheid
  • Gulzigheid – matigheid
  • Hebzucht – liefdadigheid
  • Gemakzucht – tucht
  • Gramschap – verdraagzaamheid
  • Afgunst – tevredenheid
  • Trots – bescheidenheid

In het Bijbelboek Prediker blikt koning Salomo terug op zijn gloriejaren als heerser, waarin hij het leven leidde waar velen van dromen. “Ik heb mezelf ondergedompeld in de vrolijkheid van de wijn”, geeft hij toe. En hij ondernam megalomane projecten; bouwde wat hij maar bedenken kon. Hij kocht slaven en slavinnen en liet ook hun kinderen als slaaf voor hem werken. En Salomo voegt eraan toe: “Ik heb goud en zilver opgestapeld en in de rijkdom gedeeld van koningen en landen, ik heb zangers en zangeressen aangesteld en het genot geproefd van vele, vele vrouwen”.

Geld, seks en macht

De “magische driehoek” van geld, seks en macht is verleidelijk. Misschien moet dat ons ook niet verbazen. Wie genoeg geld heeft, hoeft zich niet elke dag voort te slepen naar een baas die hij niet graag ziet, maar kan zelf orders uitdelen. Wie aandacht krijgt van vele potentiële liefdespartners, voelt zich jong, begeerlijk en zelfs onsterfelijk. En wie genoeg macht bezit, kan in een vingerknip de juiste mensen mobiliseren en dingen voor elkaar krijgen.

Een van de grootste drijfveren van de mens, meende de Duitse filosoof Friedrich Nietzsche, is de Wille zur Macht. Het machtsverlangen. Niets anders dan een natuurlijk overlevingsmechanisme, meende Nietzsche. Als je dat op zijn beloop laat, zullen de sterken overleven en de zwakken uiteindelijk het onderspit delven. Dat Darwinistische wereldbeeld tekent ook de beruchte uitspraak van Marianne Zwagerman aan het begin van de coronacrisis. Ze noemde ouderen “dor hout” dat als eerste gekapt wordt. De survival of the fittest kent geen genade.

“Slavenmoraal”

De Bijbel is in dat opzicht een beetje een vreemd boek. Want in het Mattheüsevangelie roept Jezus op om naakten te kleden, de hongerigen te voeden, de zieken te verzorgen, de gevangenen op te zoeken. En de apostel Paulus leert door zijn lijden heen dat kracht zich pas ten volle openbaart in zwakheid. “Pas als ik zwak ben, ben ik sterk”, concludeert hij (2 Corinthiërs 12:9-10). Kortom: in plaats van het sterke te laten winnen, roept de Bijbel op om het zwakke te versterken.

Nietzsche had daar maar weinig mee. Hij noemde dat een “slavenmoraal”, je reinste anti-moraal. En ook vandaag zijn er veel mensen die godsdienst zien als een systeem van regeltjes en wetjes van een kosmische heerser die de mens zijn pleziertjes niet gunt. Maar is dat wel zo? Zou God er echt op uit zijn om ons onze levensvreugde te ontnemen?

Machtssysteem

Eerst even een spannende vraag. Waarom werden in naam van het christendom kinderen ontheemd, bij hun ouders weggeplukt, mensen tot slaaf gemaakt en kruistochten gevoerd?

Het antwoord is even eenvoudig als ontnuchterend.

In plaats van een boodschap van Liefde te zijn, was de leer van Mozes en Christus verknoopt geraakt met een menselijk machtssysteem.

Van Ginneken zei het al: daar waar godsdienst of een ideologie worden herleid tot een machtssysteem, gebeurt er iets met mensen.

Onderzoek naar de rol van Adolf Eichmann tijdens de Tweede Wereldoorlog bewijst dat je helemaal geen onmens hoeft te zijn om onmenselijke daden te begaan. Onderzoekers hadden gehoopt in hem het ultieme kwaad te zien, maar Eichman bleek een brave huisvader die bovenal gewoon zijn werk deed. Het ultieme kwaad schuilde in een groter systeem; een systeem waarin Eichman niet meer dan een radartje was geweest. Waarden werden niet langer bevraagd; de macht was een doel op zich geworden. “Aan de vruchten zul je de boom herkennen”, waarschuwt Jezus.

Tien geboden

We worstelen wat af met die Wille zur Macht. Onze Maker wéét dat. Hij kent ons door en door, Hij weet hoe wij zijn. En juist daarom gaf Hij ons een krachtig richtsnoer mee in de vorm van de Tien Geboden, hier in rijmvorm geschreven:

Bovenal bemin één God.

Zweer niet ijdel, vloek noch spot.

Heilig steeds de dag des Heren.

Vader, moeder zult gij eren.

Dood niet, geef geen ergernis.

Doe nooit wat onkuisheid is.

Vlucht het stelen en bedriegen,

ook de achterklap en ’t liegen.

Wees steeds kuis in uw gemoed

En begeer nooit iemands goed.

Tien Geboden

Salomo verkeerde jarenlang in het centrum van de macht. Hij zou zich op de borst kunnen slaan, want overal waar hij kijkt, herinneren parken, huizen en kastelen aan zijn heerschappij. En toch: als hij achteraf ergens prat op gaat, dan is dat op het feit dat hij ondanks alles zijn wijsheid niet is verloren. Die doet hem nu inzien dat “het allemaal maar lucht en najagen van wind was. Het had geen enkel nut onder de zon”.

Foto door Amit Thakral op Pexels.com

Hoed je voor de hebzucht

Hoeveel mensen denken vandaag niet dat macht en rijkdom hen gelukkig zullen maken? Reclames spelen daar handig op in door ons voor te spiegelen dat we overal recht op hebben. De keerzijde is dat veel mensen vandaag kampen met gevoelens van minderwaardigheid. Nu de energieprijzen stijgen, blijft luxe voor steeds meer mensen onbereikbaar. Alleen al in Nederland heeft 45 procent van de huishoudens vandaag moeite om rond te komen. Hoe maakbaar is ons leven?

“Pas op, hoed je voor iedere vorm van hebzucht,” waarschuwt Jezus zijn volgelingen (Lucas 12:13-21), “want ook al heeft een mens nog zoveel, zijn leven bezit hij niet”. En hij vertelt een gelijkenis over een rijk man met een luxeprobleem: onvoldoende ruimte om zijn voorraden op te slaan. De man breidt zijn onroerend goed uit zodat hij zijn kapitaal erin onder kan brengen. Dan zegt hij tegen zichzelf: “Je hebt vele goederen in voorraad, genoeg voor vele jaren! Neem rust, eet drink en vermaak je.” De man waant zich volkomen veilig in zijn eigen imperium.

Maar dan zegt God:

“Dwaas, nog deze nacht zal je leven van je worden teruggevorderd. Voor wie zijn dan de schatten die je hebt opgeslagen? Zo vergaat het iemand die schatten verzamelt voor zichzelf, maar niet voor God.”

Lucas 12:21-22

Is het slecht om rijk of machtig te zijn? Niet per se. Rijkdom maakt het leven makkelijker en zorgt dat je meer kunt geven. Macht opent deuren, waardoor je in deze wereld ook een positieve invloed kunt ontketenen. Dingen om dankbaar voor te zijn. God vraagt ons niet om als kluizenaars te leven, we mogen genieten van het goede dat God geeft.

Maar de Bijbel roept ons ook op te beseffen dat aardse schatten relatief zijn. We zijn zonder iets in het leven gekomen, en kunnen er ook niets uit meenemen. Geld is onderhevig aan inflatie; aardse schatten vergaan. Macht kent vele valstrikken, en zelfs het meest zinderende liefdesleven kan uitmonden in een eenzame oude dag. Dat alles brengt koning Salomo tot de conclusie: “Het begin van alle kennis is ontzag voor de Heer” (Spreuken 1:7; 9:10-12).

Elke dag rijker

Zijn leven mag jou en mij vandaag ook inspireren. Wat is er kostbaarder dan te investeren in de dingen van eeuwigheidswaarde? “De wijsheid zal je beschermen, door haar lief te hebben, zal zij je bewaren”, belooft Salomo. En die wijsheid begint… bij het kennen van onze Schepper, die hemel en aarde gemaakt heeft!

Laat het onze grootste vreugde zijn tijd door te brengen in eerbied voor de Eeuwige, ons te verdiepen in Zijn geboden en de diepste waarden van Gods hart te leren kennen. Wie zo leeft, wordt beschermd tegen vele valstrikken. Zo iemand wordt van binnen elke dag rijker.

Foto door Andrea Piacquadio op Pexels.com

Dit is de tekst van de preek op 31 juli 2022 in de Protestantse Gemeente Hoek (Zeeuws-Vlaanderen). De kerkdienst is ook online te bekijken.

Mag je echt voor alles bidden?

Nog niet zo lang geleden stelde iemand me een vraag: “Mag je bidden voor het nemen van materiële beslissingen en leiding vragen van de heilige Geest, of is dat aanbidden van de mammon?” Hij wilde een tweede huis kopen en zag dat als een luxe. Andere mensen hebben immers geen eten, dus mag je God wel met zoiets lastigvallen?

We leven in een individualistische samenleving. Hulp vragen is niet eenvoudig. Liever zijn we de ander niet tot last. Veel mensen modderen net zo lang aan totdat het echt niet meer gaat. Het is een beetje een schande geworden om toe te geven dat je iemand nodig hebt, of om een beroep op een ander te doen. Een cultuurverschijnsel, maar de Bijbel maakt daar korte metten mee.

Drie broden

In Lucas 11 beschrijft Jezus een gelijkenis. Iemand klopt bij een vriend aan om drie broden te lenen, want hij heeft bezoek. Niet op een schappelijk uur, maar midden in de nacht. “Val me niet lastig”, mort de heer des huizes. “De deur is op slot, mijn kinderen liggen in bed; ik kan niet opstaan om het aan u te geven.” Het lijkt ook een wat onzinnige vraag, en dat op zo’n uur. Wie heeft er immers in het holst van de nacht drie broden op de plank liggen?

Foto door Bruno Thethe op Pexels.com

Als Jezus een moderne etiquette-expert was geweest, had hij ongetwijfeld vraagtekens geplaatst bij het gedrag van die vriend. Het is immers niet erg chic om ’s nachts iemand uit de slaap te halen voor iets dat hij hoogst waarschijnlijk toch niet kan geven. Maar met Zijn onderwijs weet Jezus altijd weer de gangbare orde te bevragen. Ook nu weer. Jezus zegt:

“Ik zeg je, als de man niet opstaat en het hem niet geeft omwille van de vriendschap, zal volharding genoeg zijn om hem op te laten staan en zijn vriend alles te geven wat hij wil.”

Lucas 11:1-13

Met andere woorden: als vriendschap niet genoeg is om te krijgen wat je wilt, dan moet je je toevlucht zoeken tot volharding. Geef niet op, maar blijf op die deur kloppen. Net zolang totdat je hebt wat je wilt.

Onderhandelen met God

Mag je God werkelijk om alles bidden? Of zijn er dingen waar je om mag vragen – armoedebestrijding en wereldvrede bijvoorbeeld – en onbelangrijke wereldse zaken waarmee je God maar beter niet lastig kunt vallen? Het is heel menselijk om zo te denken. Maar uit het de Bijbel komt een ander beeld naar voren. God moedigt ons aan om op Zijn deur te kloppen. Zelfs op de meest onchristelijke tijdstippen en met de meest onbenullige vragen.

Maar het kan nog opmerkelijker. In Genesis 18 heeft God zich voorgenomen om de stad Sodom met de grond gelijk te maken. Maar Abraham verzamelt moed en begint met God te onderhandelen. “Ja maar, dat kunt u toch niet doen! Wat nu als er vijftig onschuldigen in die stad zijn, dan kunt u die toch niet verwoesten? Je mag schuldigen en onschuldigen niet over één kam scheren!”

God belooft dat als er vijftig onschuldigen in Sodom worden gevonden, Hij de hele stad vergeving zal schenken. Maar Abraham ziet zijn kans schoon. “Ik hoop niet dat u kwaad wordt”, zegt hij, “maar wat nu als het er 45 zijn”. “Wel”, zegt God, “ook dan zal Ik de stad niet verwoesten”. “Goed dan, maar wat als het er nu… 30 zijn?” “Vooruit, ook dan niet.” “Oké Heer, word alstublieft niet boos op mij.. maar stel dat het er 20 zijn?” “Ook dan zal Ik de stad niet vernietigen.” “En… tien?” “Dan zal ik haar niet verwoesten omwille van de tien.” Daarmee besluit God de deal.

Niet statisch maar dynamisch

Zo’n tekst geeft te denken. Is God dan niet onveranderlijk? Verandert hij van gedachten? Uit Genesis komt het beeld naar voren van een God die niet statisch, maar dynamisch is. Een God die meebeweegt en meeleeft met de mensen. Is God dan niet almachtig, vraagt je je nu misschien af. Zeker, maar we zien ook dat Hij er voortdurend voor kiest om met de mensen te zijn. Dat gaat zelfs zover dat Hij in Jezus Christus zelf mens wordt en samenvalt met alle pijn en lijden van deze wereld.

God had dat natuurlijk niet hoeven doen. Hij had volmaakt gelukkig kunnen zijn in Zijn eigen universum, zoals de Griekse goden van weleer. Maar Hij kiest er zelf voortdurend voor om bij ons, tussen ons en door Zijn Geest zelfs in ons te wonen. God kiest ervoor om onze pijn, zorgen en verdriet aan den lijve te ervaren.

Dat verklaart ook waarom God zo geduldig met Abraham onderhandelt. Onderhandelen is een proces van relatie. Het is een wederkerig spel van bieden en opbieden, een beetje theater hier en daar, een glimlach, een sip gezicht, een vriendschappelijke handdruk aan het eind. Wie weleens in het Midden-Oosten, Afrika of Azië geweest is, zal het ongetwijfeld herkennen.

God houdt van dat proces. De Eeuwige is niet onbetrouwbaar en toch laat Hij zich door een mens op andere gedachten brengen. Abraham valt God maar liefst vijfmaal lastig. En juist omdat hij aandringt, wordt zijn stem gehoord.

Jezus belooft:

“Bidt en u zal gegeven worden; zoekt en gij zult vinden; klopt en u zal opengedaan worden. Want een ieder, die bidt, ontvangt, en wie zoekt, vindt, en wie klopt, hem zal opengedaan worden.”

Mattheüs 7:7-8

Even terug naar onze vraag van vandaag. Is het oké om te bidden voor een financiële beslissing? Mag je God vragen om eindelijk eens op vakantie te kunnen, een huis te kopen, je voetbalteam te zegenen, om je helderheid van denken te geven zodat je je huiswerk kunt doen?

Het antwoord op al die vragen is… JA!

God wordt graag door ons lastiggevallen, omdat Hij onze hemelse Vader is. Of liever gezegd: we kunnen Hem eigenlijk helemaal niet lastigvallen. God blies ons de levensadem in; Hij is het die alle leven bezielt en die het universum in stand houdt. Hoe zou God de wensen en de overleggingen van ons hart niet kennen? Maar in plaats van ons ogenblikkelijk alles te geven, verlangt Hij naar relatie. Naar dat geluid van ons kloppen op de deur van Zijn hart.

We mogen God de eerste plek geven in alles wat ons bezighoudt. En als we iets écht graag willen, dan mogen we aandringen in onze gebeden. Want we mogen Hem lastigvallen met onze diepste wensen. Vijf keer. Of zelfs tien, honderd of duizend keer!

En weet je, God is dynamisch. Hij klopt ook op de deur van ons hart.

“Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop. Indien iemand naar Mijn stem hoort en de deur opent, zal Ik bij hem binnenkomen en maaltijd met hem houden, en hij met mij.”

Openbaringen 3:20

Zoals God in Jezus de gestalte van een mens aannam, zo wil Hij vandaag ook in en door ons leven. God is betrokken. Niet alleen bij onze grote en “belangrijke” levensvragen, maar Hij verlangt ook te delen in al die kleine dingen die ons bezighouden. In verdriet, vreugde en dankbaarheid. God is geen heerser van verre. Hij wil zoveel meer voor ons zijn dan een anonieme kracht in het universum. De God van de Bijbel heeft zich geopenbaard als Liefde. En liefde is dynamisch. Liefde zoekt altijd relatie, want ze komt niet tot haar volle recht als ze op zichzelf blijft bestaan.

Mensen jagen in het leven naar tal van dingen. We zetten ons hart om zaken die tijdelijk zijn en die voorbijgaan. Dingen die uiteindelijk geen voldoening geven. Maar wat is er mooier dan te zoeken naar een schat die nooit vergaat?

“Zoek je geluk bij de Heer, dan zal Hij je geven de wensen van je hart.”

Psalm 37

Een veelbelovende nieuwe week toegewenst!

Foto door RF._.studio op Pexels.com

Deze tekst is gebaseerd op de preek in de Geuzentempel in Roeselare op zondag 24 juli 2022.

Dansen voor Jezus

Als de temperaturen stijgen, gaat het bloed sneller stromen. Het perfecte moment voor een spannende vraag. Hoe staat het met uw passie voor Jezus? Het afgelopen seizoen ontving ik berichtjes van verontruste mede-theologen, variërend van filmpjes van een genezingsdienst met de Nederlandse evangelist Jan Zijlstra tot doopdiensten in een jacuzzi en megakerk Mozaiek. Stellingname gewenst, begreep ik.

Wil je als ‘weldenkende’ theoloog niet worden geschaard in het kamp van homohaters, fundi’s, complotdenkers en Trump-aanhangers, dan is het zaak je tijdig af te keren van de evangelische beweging. Ik had natuurlijk kunnen beweren dat God niet meer geneest. Dat jongeren die spontaan “hun hart aan Jezus geven”, gebukt gaan onder een vlaag van verstandsverbijstering. En dat megakerken wel bolwerken moeten zijn van machtsmisbruik en manipulatie. Welke twintiger wandelt er immers nog vrijwillig een kerk binnen?

Illusie van vanzelfsprekendheid

Daarmee zouden de gemoederen zijn gerustgesteld. Maar zwoele zomers doen wonderlijke dingen met mensen. Aangemoedigd door een glaasje sangria gingen mijn gedachten terug naar de kerkdiensten waar ik het afgelopen jaar was voorgegaan. De doorsnee bezoeker behoorde tot de jeugd van zo’n 60 jaar geleden. Stoffige kleedjes en schilderijen vertegenwoordigden statige dominees uit een ver verleden. Mannen in zwarte toga die met rechte rug en witte boord de kudde hadden geleid. Antieke orgelpijpen persten psalmen uit, zware houten kansels strekten zich uit boven een afnemend aantal hoofden, vergeelde liedboeken lagen opengeslagen bij Psalm 119. Een enkele vergrijsde dissident kuchte.

Van een controversiële beweging is de kerk goeddeels veranderd in een baken van traditie en nostalgie. Verstedelijkte dorpen, een multiculturele samenleving, digitalisering, klimaatproblematiek, jongeren met smartphones: onder veel kerktorens lijkt de moderne wereld van een andere orde. Enerzijds is dat mindful, anderzijds heeft dat geleid tot wereldvreemdheid. Te lang koesterden kerken de illusie van vanzelfsprekendheid. Menend dat ze, te midden van de woedende stormen van de tijd, voor altijd een onveranderlijk anker zouden kunnen blijven.

Foto door RODNAE Productions op Pexels.com

Eigentijdse sprankeling

Afgelopen zondag nadat ik een kerkdienst was voorgegaan, sprak een dame me aan. De preek had ze goed en pakkend gevonden, zei ze. Maar ze had toch ook een flinke drempel moeten trotseren, want: “als ik hier binnenkom, is het alsof ik 65 jaar terugga in de tijd”.

Bij navraag bleek de dame afkomstig uit een evangelische gemeente. En ja, ze was fan van Mozaiek, “want daar sprankelt alles. De muziek, de preek, de livestreams… ” Maar ze kwam er niet voor de entourage, haastte ze zich te zeggen. Eigentijdse sprankeling, dat is simpelweg een manier om God eer te geven. Want als de liefde voor God op eigentijdse wijze sprankelt en schittert, dan raakt dat het hart van jonge mensen. In zulke kerken klinkt een liefdestaal die zij begrijpen en waarin zij zich kunnen uiten.

Zingevingscrisis

Psychologen als Dirk De Wachter en Jim van Os waarschuwen dat jongere generaties gebukt gaan onder een zingevingscrisis. Toch slagen veel traditionele kerken er niet in de taal van jonge mensen te spreken. Kerken als Mozaiek doen dat wel. Welke seculiere jongere krijgt vandaag nog de oude berijming van Psalm 119 uit zijn keel geperst? Wie begrijpt de tale Kanaäns?

Verandering is altijd griezelig. Zeker als de kerk in crisis verkeert, grijpen we graag terug op het oude. Op dat wat vertrouwd is. Maar als we niet oppassen wordt niet God, maar de traditie heilig.

Het boek Samen Jong van Sabine van der Heijden, Vincenza La Porta en Jan Wolsheimer is in dat opzicht een wake-upcall. Moderne jongeren gaan niet naar de kerk omdat ze vroeger de Heidelbergse catechismus uit hun hoofd moesten leren. Ze gaan niet omdat ze gedoopt zijn of omdat hun ouders toevallig katholiek of protestant waren. En wie twijfelt kan gerust zijn: moderne jongeren komen zelfs niet voor spektakel, hippe bands of multimedia. Want wie dat zoekt, vindt ruimschoots zijn gading op Tomorrowland.

Spontane en ongeveinsde liefde

Nee, het op onderzoek gebaseerde beeld in Samen Jong is duidelijk: de duizenden jongeren die op zondag naar evangelische megakerken komen, komen bovenal uit passie voor Jezus en Zijn boodschap. Jawel, voor dat ongemakkelijke Verhaal dat al ruim 2.000 jaar onze weldenkende geesten uitdaagt.

Als evangelische gemeentes erin slagen dat Bijbelse verhaal sprankelend en eigentijds te verkondigen, dan wekt dat bij traditionele kerken verwondering en stiekem ook een beetje jaloezie. Maar laten we wel wezen: beter dan elkaar te verketteren, kunnen we van elkaar leren. Jongeren die met duizenden staan te dansen voor Jezus of die zich laten dopen in een jacuzzi, dagen ons uit om terug te keren naar die spontane en ongeveinsde liefde waarmee ons gezamenlijke Verhaal begint.

“Zij zullen in de ouderdom nog vrucht dragen, fris en groen zullen zij zijn”, belooft Psalm 92:15 aan al wie geplant is in “het huis van de Heer”. De kerk bestaat al ruim 2.000 jaar, een tijd waarin het christendom voortdurend anticipeerde op een wereld in verandering. In plaats van vrees mag dat best een beetje vertrouwen wekken. Het wordt hoog tijd dat we het stof van ons afkloppen, en dat we samen de uitdaging aangaan om weer fris en sprankelend te zijn.

Foto door Michelle Leman op Pexels.com

Een verkorte versie van deze tekst is te vinden in het Nederlands Dagblad van 21 juli 2022.

Foute oordelen

Oordelen, we doen het allemaal. Een oordeel is zo geveld, zeker in een cultuur van multimedia en scherpe meningen. Snelle oordelen komen al voor in de Bijbel. De diep bedroefde Hanna wordt door priester Eli voor een dronken vrouw aangezien en weggestuurd (1 Samuël 1:1-20). Maria, die aan de voeten van Jezus zit, treft het al niet veel beter. Haar zus vindt haar een luie nietsnut en vraagt Jezus om haar terecht te wijzen (Lucas 10:38-42). Twee verhalen die ons aansporen om verder te kijken dan wat voor ogen is.

Wat zou je doen als er op een dag een beroemdheid voor je deur stond? In het Lucasevangelie overkomt het Martha. Als ze hoort dat Jezus in haar dorp is, twijfelt ze geen moment en nodigt ze hem en zijn gevolg uit om bij haar langs te komen. Maar Jezus is natuurlijk niet zomaar iemand, daarom moet alles tiptop in orde zijn.

Een luie zus

Martha loopt zich het vuur uit de sloffen voor haar gasten. In de Bijbel lezen we dat ze volledig in beslag wordt genomen door haar dienstwerk. Het Griekse woord περιεσπᾶτο (periespato) kan worden vertaald als “in beslag genomen”, maar ook als “afgeleid”. Martha is zo druk in de weer dat de woorden van Jezus volledig langs haar heen gaan. Wijnen, amuses, voor-, hoofd- en nagerechten… voor de bekende rabbi uit Nazareth is alleen het beste goed genoeg.

Dan valt haar oog op haar zus Maria. “Potverdorie”, denkt ze, “kijk die daar nu eens zitten. Hoe bestaat het? Heeft die nu werkelijk geen enkel benul van al het werk dat ik hier aan het doen ben?” En Martha bedenkt dat een woordje van Jezus wonderen zal doen om haar luie zus in beweging te krijgen. Dus zegt ze: “Heer kan het U niet schelen dat mijn zuster mij al het werk alleen laat doen? Zeg tegen haar dat ze mij moet helpen!”

Foto door Jonathan Borba op Pexels.com

Dronken vrouw

Ook in het Oude Testament, in 1 Samuel 1, lezen we over een snel oordeel. Priester Eli ziet in de tempel een vrouw zitten. Terwijl hij op een stoel de wacht houdt, valt zijn blik op het vreemde gedrag van de vrouw. Haar lippen bewegen, maar haar stem klinkt niet. Verdacht gedrag, vindt Eli, en hij zegt: “Gaat dit nog lang duren? Als je zo dronken bent, ga dan je roes uitslapen!”

Interpretatie

De situaties in het Lucasevangelie en in het Bijbelboek Samuel zijn totaal verschillend. Toch hebben de verhalen een belangrijk element gemeen. Martha en Eli vellen allebei een oordeel over iemand op basis van wat ze zien.

  • Martha oordeelt dat Maria een luie nietsnut is, omdat ze op de grond zit en niet meehelpt.
  • Eli oordeelt dat de vrouw in de tempel wel dronken moet zijn, want ze prevelt zo raar.

Vaak denken we dat een oordeel dat we over een situatie vellen, de werkelijkheid is. Maar klopt dat wel? De verhalen van Martha en Eli laten zien dat de oordelen die we vellen, vaak niet de werkelijkheid vertegenwoordigen, maar onze interpretatie van de werkelijkheid. Zowel Martha als Eli slaan de plank volledig mis.

Hoe komt dat? Een verkeerd oordeel ontstaat als we afgaan op wat we zien. Maar die informatie is niet volledig. Martha kan wel zien dat Maria op de grond zit, maar niet waarom ze die keus heeft gemaakt. Maria’s toewijding aan Jezus ontgaat haar. Eli op zijn beurt, kan wel zien dat Hannah zich als een beschonkene gedraagt, maar het ontgaat hem waarom ze zich zo gedraagt. Hij heeft geen benul van het stille verdriet waar Hannah al jaren onder lijdt, en beseft niet dat ze God in stilte smeekt om haar kinderwens te vervullen.

Het topje van de ijsberg

De Nederlands-Indonesische hoogleraar business spiritualiteit Paul de Blot maakt in zijn boeken een onderscheid tussen het doe- en zijnsniveau. Alles wat zich op doe-niveau afspeelt, vormt als het ware het deel van de ijsberg dat boven het water uit steekt: onze woorden, onze daden, onze prestaties, de plannen die we maken. Dat is het deel dat anderen kunnen waarnemen.

Maar de ijsberg heeft ook nog een voet onder water, een deel dat je niet kunt zien. Dat bevindt zich op het ziels- of zijnsniveau. Het zijn onze verlangens, onze aspiraties, intenties, vormende ervaringen, trauma’s, onzekerheden… kortom, dat wat in ons hart is. En juist dat is de basis waaruit veel gedrag voortvloeit. Omdat er een wereld aan informatie voor de buitenwereld verborgen blijft, ligt een misverstand altijd op de loer.

Foto door Pixabay op Pexels.com

Doodsbedreigingen

Een 15-jarige tiener ontving in het voorjaar van 2022 ruim 5.000 haatberichten en doodsbedreigingen omdat hij verdacht werd van needle spiking. Op sociale media waren beelden opgedoken van het festival We R Young in Hasselt, waarop de jongen rennend te zien is. De beelden gingen viraal en een oordeel was snel geveld: de jongen had overduidelijk iets te verbergen, want hij was op de vlucht.

De heksenjacht die zo ontstond, leidde ertoe dat de jongen uiteindelijk moest onderduiken en nog nauwelijks at en sliep. Een genadeloos oordeel, maar gebaseerd op onvolledige informatie. De mensen zagen alleen de top van de ijsschots: een jongeman die wegrende van de plek waar een meisje onwel was geworden. Maar ze misten de werkelijkheid onder het water. Ze beseften niet dat hij hulp had willen halen voor het slachtoffer. Een onterecht oordeel kostte deze jongen zijn veiligheid en vrijheid.

Oordeelt niet

In zijn beroemde toespraak de Bergrede zegt Jezus:

“Oordeel niet opdat gij niet geoordeeld wordt; want met elk oordeel waarmee gij oordeelt, zult gij geoordeeld worden, en met de maat waarmee gij meet, zult gij gemeten worden.”

Mattheüs 7:1

De Amerikaans-Franse schrijfster Anais Nin zei het zo: “We zien de dingen niet zoals ze zijn, maar zoals wij zijn“.

Een baas die het lastig vindt om te delegeren, zal belangrijke zaken liever zelf doen dan ze uit handen te geven. Hij vreest daardoor misschien al snel dat zijn werknemers onbetrouwbaar zijn. Een moeder die zich ergert aan de brutale kinderen van haar zus, zal haar eigen kroost misschien erg streng aanpakken. Maar is dat terecht? Beide focussen zich op wat voor ogen is, maar ze gaan voorbij aan de werkelijkheid onder water. Ze vergeten zich te verdiepen in de intenties van het hart van de mensen met wie ze te maken hebben.

Verantwoordelijkheidsgevoel

Jezus gaat bewust niet mee in dat patroon. Martha focust zich op het doe-niveau, op altijd maar bezig zijn, maar Jezus spreekt haar aan op het zijnsniveau. Dit is wat hij zegt:

“Martha, Martha, je bent zo bezorgd en je maakt je veel te druk. Er is maar één ding noodzakelijk. Maria heeft het beste deel gekozen en dat zal haar niet worden ontnomen.”

Lucas 10:41

Het probleem blijkt niet bij Maria, maar bij Martha te zitten. Ze gaat gebukt onder een te groot verantwoordelijkheidsgevoel. Gefocust als ze is op alles wat er maar mis kan gaan, vergeet ze wat werkelijk belangrijk is: je ziel voeden met de dingen van eeuwigheidswaarde. Ook Eli lijdt aan een kapitaal verantwoordelijkheidsgevoel. Als hij Hannah ziet, vreest hij dat de tempel die hij beheert, zal worden ontheiligd door dronkaards en types van allerlei pluimage. Hij stelt zich hard tegen haar op, omdat hij dat absoluut wil voorkomen.

Niet van de wereld

Als wij verkeerd worden geoordeeld, dan zijn we in goed gezelschap. Ook Jezus werd verkeerd beoordeeld. Dat ging zelfs zover dat Hij stierf te midden van de misdadigers. Daarom waarschuwt Hij in het Johannesevangelie dat de mensen die in Zijn voetsporen treden, zich ook niet moeten verbazen als anderen zich tegen hen keren.

Mensen wrongen zich in allerlei bochten om een aanklacht tegen Jezus te vinden. Ze veroordeelden Hem niet omdat Hij schuldig was, maar omdat ze ernaar verlangden die stem die hun wereldbeeld deed wankelen, het zwijgen op te leggen. Zoals Anais Nin al zei: we zien de dingen niet zoals ze zijn, maar zoals wij zijn. Of zoals we graag willen zijn.

Lesje in geduld

Even terug naar Hannah. Deze jonge vrouw heeft alle recht om kwaad te zijn. Want wat bezielt die erudiete priester om zo over haar te denken? Alsof ze nog niet genoeg ellende te verduren heeft, voegt hij er nog het nodige aan toe door haar eer in twijfel te trekken. Zulk gedrag verwacht je toch zeker niet van een geestelijke?

Maar in plaats van haar gal te spuwen, blijft Hannah geduldig. In het besef dat Eli verkeerd oordeelt omdat hij haar verborgen wereld niet kent, neemt ze hem mee in haar verhaal. Ze toont hem de onderkant van de ijsschots. De treiterijen van Pennina, haar rivale in de liefde; haar onbeantwoorde verlangen naar een kind. Hanna’s openheid is een geschenk aan Elia. Want niet zij, maar de priester heeft hier een belangrijke les te leren.

Hannah’s vriendelijkheid werkt als een spiegel, en beschaamd ziet Eli zijn misstap in. Beseffend dat hij fout is geweest, maakt hij het goed door haar de zegen te geven. Met succes, want de gebeden van Hannah’s hart worden verhoord. Haar diepste wens wordt werkelijkheid.

Eindoordeel

Zoals God Hannah en Maria recht deed, zo is Hij ook met ons. God ziet verder dan wat voor ogen is, maar doorgrondt het diepste van ons hart. Als iemand ons verkeerd beoordeelt, mogen we onze zorgen voorleggen aan de Eeuwige. Hij is het, die ons recht bepleit. Dat vertrouwen maakt ons ook mild in onze houding naar anderen. Maria en Hannah dagen ons uit om niet te oordelen op basis van wat voor ogen is, maar af te dalen in de diepte. Daar, waar het hart is van onze medemens.

Foto door Pixabay op Pexels.com

Deze tekst is gebaseerd op mijn preek van zondag 17 juli 2022 in de Protestantse Kerk van Hasselt.

De kracht van het verschil

Vakantieperiodes zijn goed voor ontspanning, maar ze zorgen ook geregeld voor irritaties. Een prille relatie, stroef lopende huwelijken, schoonfamilies, nieuw samengestelde gezinnen, vrienden met botsende karakters: die langverwachte zonvakantie kan relaties lijmen, maar ook op scherp zetten. Mensen verschillen namelijk in veel dingen, maar vooral in hoe ze omgaan met dat wat onbekend en anders is.

“Onbekend maakt onbemind”, zegt een aloud spreekwoord. Maar of we dat zo ervaren, hangt sterk samen met onze persoonlijkheid. De Big Five is een persoonlijkheidsmodel dat vaak wordt gebruikt bij sollicitatieprocedures. Het brengt via vijf hoofddimensies de persoonlijkheid in kaart: extra- of introversie, inschikkelijkheid, (on)zorgvuldigheid,  emotionele stabiliteit, openheid voor ideeën en ervaringen.

Onbekend maakt bemind

Vooral onze openheid voor nieuwe ervaringen bepaalt hoe we omgaan met alles wat afwijkt van het vertrouwde. Voor wie hoog scoort op openheid, is het leven één groot avontuur. “Onbekend maakt bemind”, is het credo van zulke mensen. Zo iemand is nieuwsgierig en droomt ervan nieuwe plaatsen te ontdekken en nieuwe wegen te  proberen. Verloopt alles niet volgens schema? Geen probleem, dan maak je toch gewoon een nieuw schema?

Onbekend maakt onbemind (of zelfs ontstemd)

Wie laag scoort, hecht meer waarde aan het vertrouwde. Zulke mensen houden van vaste routines, dagschema’s, plaatsen, restaurants en activiteiten. Als schema’s op het laatste moment worden omgegooid, gaan ze mopperen, worden ze boos of chagrijnig. Dat gedrag stelt de flexibele partner of vriend voor vraagtekens. Waarom zou je überhaupt de illusie koesteren dat het leven zich moest gedragen zoals jij wil? De flexibele geest zwijgt, ergert zich aan de ergernis van de ander, of wringt zich in allerlei bochten om verdere fricties te voorkomen, en verliest daarmee een stukje van zijn of haar spontaniteit.

Avonturiers en gewoontedieren

Tijdens veel vakanties komt de kloof tussen avonturiers en comfort- en gewoontezoekers op scherp te staan. Terwijl de één ervan droomt onbekende wateren op te zoeken, wil de ander elke avond hetzelfde biertje drinken bij zijn vertrouwde café. Soms lijkt de kloof te groot voor een compromis. Toch bieden vakanties ons juist een unieke kans.

“Dit is Mijn gebod, dat jullie elkaar liefhebben zoals Ik jullie heb liefgehad”, luidt het gebod van Jezus in het Johannesevangelie. Vakantie is bij uitstek een kans om weer even terug te keren naar die woorden, die ons ook vandaag uitdagen. Liefhebben vergt weinig kunst en oefening als je elkaar feilloos aanvoelt en twee handen op één buik bent. Maar sommige mensen maken het ons moeilijker. Bijvoorbeeld door onze vertrouwdheden om te gooien, of een rem te zetten op onze spontaniteit en onze vrije geest.

Groot geschenk

Vakantie daagt ons uit om eens constructief stil te staan bij het verschil. Wat is het nu precies dat de ander zo anders maakt? En wat is de waarde van dat verschil, hoe kunnen we het een plek geven in onze relaties, teams en vriendschappen? De uitdaging is om verschillen niet te zien als een persoonlijke bedreiging, maar als een verrijking.

Juist de mensen die het meest van ons verschillen, kunnen achteraf een groot geschenk blijken. Uitgerekend zij kunnen ons het meest leren over de veelkleurigheid van Gods liefde, en niet in de laatste plaats over onszelf.

Foto door Andrea Piacquadio op Pexels.com

Een verkorte versie van dit artikel verschijnt in augustus 2022 in maandblad Reveil.