Is er leven voorbij de gesloten kerkdeuren?

Kerkverlater Inge Bosscha groeide op in een protestantse kerk. Geheel volgens het boekje was ze netjes getrouwd en deed ze haar best om haar man onderdanig te zijn. Zelfs als dat betekende dat hij haar sloeg. Maar toen ze in verwachting raakte, begonnen kerkelijke leringen te wringen. Want daar waar Liefde had moeten wonen, draaide het toch vooral om dogma’s en macht.

Lange tijd dacht Inge Bosscha dat de klappen die ze kreeg, haar schuld waren. Misschien moest ze gewoon nog harder haar best doen om een goede en dienstbare echtgenote te zijn. Of ze maakte zichzelf wijs dat het toch wel goed was, dat haar man bij haar zo zichzelf kon zijn.

Dikke vinger in de pap

Pas tijdens haar zwangerschap kwam Bosscha tot het besef dat ze haar kind niet in zo’n situatie wilde laten opgroeien. Ze trok aan de alarmbel, maar vond nauwelijks gehoor. Veel kerkleden plaatsten vraagtekens bij haar verhaal. Mishandeling gold in de kerk als legitieme reden om te scheiden, maar dan wel op voorwaarde dat de kerkenraad unaniem besliste dat daar sprake van was.

Als de dag van gisteren herinnert Bosscha zich hoe een ouderling haar opzocht in het opvanghuis waar ze verbleef. Gerieflijk liet hij zich achterover zakken in de enige stoel in haar kamertje. En nadat ze nog maar een paar zinnen had gezegd, schamperde hij dat dit “gewoon ruzies met handtastelijkheden” waren en dat “dit in elk huwelijk voorkomt”. Uiteindelijk besliste de kerkenraad dat er niet of nauwelijks sprake was van mishandeling. “Ik mocht niet scheiden”, blikt Bosscha terug.

Baken van liefde

Inmiddels is ze gescheiden. Niet alleen van haar man met losse handjes, maar ook van de kerk. Met haar website Dogmavrij strijdt Bosscha tegen machtsstructuren en dogma’s die mensen ervan belemmeren zichzelf te zijn. Haar verhaal werpt een tragisch licht op de kerk, een gemeenschap die ontstond om Gods liefde in de wereld te verkondigen en te verspreiden. En het roept het de vraag op wat er van die oorspronkelijke bezieling over is.

  • Sommige kerken zijn verworden tot paleizen van pracht en praal.
  • Sommige kerken zijn verworden tot machtsbolwerken.
  • Weer andere kerken zijn verworden tot zuilen van conservatieve ideeën, “de “joods-christelijke cultuur” of een politieke kleur.

Tempel van Gods Geest

Dat kerkdeuren tijdens de coronacrisis gesloten bleven, was voor veel gelovigen een trap tegen het zere been. Maar gesloten deuren nodigen ook uit tot reflectie. Is het kerkgebouw nog wel primair de plaats waar het allemaal moet gebeuren? In de brief van de apostel Paulus aan de Korinthiërs vinden we twee veelzeggende citaten:

“Weet u niet, dat u Gods tempel bent en dat de Geest van God in u woont? Als iemand de tempel van God te gronde richt, zal God hem te gronde richten, want de tempel van God is heilig, en deze tempel bent u.”

1 Korinthe 3, 16-17

“Of weet u niet, dat uw lichaam een tempel is van de Heilige Geest, Die in u is en Die u van God hebt ontvangen, en dat u niet van uzelf bent?”

1 Korinthe 6, 19

Het woord “tempel” wordt in de Van Dale beschreven als “een aan God of aan de goden gewijd gebouw met beelden en een altaar”. En die tempel, dat ben je in eerste instantie zelf. Niet de kerk, maar ons hart is de allereerste plek waar God wil wonen.

Brood en wijn

Veel gelovigen maken zich druk om het vervallen van de communio, of het avondmaal. Maar ze vergeten dat Christus ons elke dag, elk moment uitnodigt om met Hem aan tafel te gaan. Om de wereld te verzaken en te komen tot het altaar van Zijn liefde. Een liefde die bedoeld is om ons te voeden en te worden uitgedeeld, zoals wijn die wordt geschonken en het brood dat men breekt.

Betekent dat dat we de kerk kunnen missen als kiespijn? Absoluut niet. Het samenkomen, samen vieren en delen is een vitale dimensie van het menszijn, die in onze individualistische samenleving jammerlijk ondergesneeuwd is geraakt. Niet voor niets zegt Jezus: “Waar twee of drie vergaderd zijn in Mijn naam, daar ben Ik in hun midden” (Mattheüs 18, 20).

Idealen worden sterker als ze worden gedeeld; krachten nemen toe naarmate ze worden gebundeld. Kerkzijn is zoveel meer dan een preek op de zondagmorgen. Maar werkelijke vernieuwing begint bij ons. De ekklesia zoals we die aantreffen in het Bijbelboek Handelingen, was geen gebouw maar een gemeenschap van veranderde harten. Kwamen die mensen samen, dan ontstond er een bezieling die de kracht had om de samenleving diepgaand te transformeren.

Levende stenen

Hoe staat het eigenlijk met ons hart? Hebben we het goede niet al te zeer buiten onszelf gezocht? Als we voor gesloten deuren komen te staan, kunnen we gaan mopperen en klagen. Maar we kunnen er ook voor kiezen de deuren van ons hart weer eens wagenwijd open te gooien. Als we dat massaal doen, banen we samen na corona de weg voor iets nieuws. Want een kerk die alleen uit bakstenen bestaat, kan geen stand houden. De ware ekklesia is opgetrokken uit levende stenen, en die stenen zijn wij.

Gepubliceerd door Kelly Keasberry

Kelly Keasberry (1975) studeerde theologie aan de Universiteit Utrecht, gevolgd door Wereldreligies & Interreligieuze Dialoog en Journalistiek, beide aan de KU Leuven. Ze werkt als journalist voor het Vlaamse christelijke opinieblad Tertio en gaat als freelance predikant voor binnen diverse kerken in België en Nederland. Samen met haar man Joost en vier zonen woont ze in Antwerpen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: