confident businesswoman outdoors in nature

Bewerken, bewaren, begrenzen: wat Genesis zegt over gezag

Genesis 1 spreekt over heersen, Genesis 2 over bewerken en bewaren. Wat zegt Genesis over gezag, en wat betekent dat voor hoe we vandaag verantwoordelijkheid dragen?

Heersen en onderwerpen: twee woorden uit het bijbelboek Genesis die iets ongemakkelijks hebben. Onlangs bracht ik ze ter sprake in een lezing over Franciscus van Assisi, en tijdens een wandeling bleven ze maar door mijn hoofd spoken.

Een ongemakkelijke opdracht

In Genesis 1 krijgt de mens de opdracht om te heersen (radah) en de aarde te onderwerpen (kabash). (Gen. 1:26) Eeuwenlang dienden die twee woorden als vrijbrief: de aarde als voorraadkast, de natuur als grondstof. Maar moeten we de Bijbel daarvoor verantwoordelijk houden, of zegt dat vooral iets over de mens die las?

Want Genesis begint niet met één scheppingsverhaal, maar met twee. In het tweede krijgt de mens een andere opdracht (Genesis 2:15): de tuin bewerken en bewaren. En misschien is dat geen toeval. Ik lees die twee werkwoordparen liever naast elkaar dan tegenover elkaar. Het eerste vraagt om gezag, het tweede vertelt hoe dat gezag eruit hoort te zien.

Het Hebreeuwse avad, hier vertaald met ‘bewerken’, betekent ook ‘dienen’. En shamar, ‘bewaren’, draagt de klank van behoeden en waken. Wie dit gezag zo leest, ziet geen heerser meer, maar iemand die dient en waakt. Dat verandert alles.

Een tuin voor jezelf

Als kind was ik gefascineerd door The Secret Garden: een boek van Frances Hodgson Burnett over een verborgen, ommuurde tuin die door een meisje wordt ontdekt. Dat beeld is me altijd bijgebleven.

Een tuin is een besloten hof, zoals ook de hof van Eden. Er groeit leven dat aandacht nodig heeft. Er zijn grenzen, er is een toegang, er valt iets te verzorgen en te beschermen.

Family gathering in a flower-filled castle garden with one person using a wheelchair

Misschien hebben we allemaal wel zo’n tuin. Een plek waarvoor wij verantwoordelijkheid dragen. Dat kan een letterlijke tuin zijn, maar ook ons werk, ons gezin, een klas, een parochie of een zorgteam. Iets waarvan we beseffen: hier wordt mijn aanwezigheid gevraagd.

Maar durven we die plek ook in te nemen?

Je kunt een prachtige tuin toevertrouwd krijgen en toch voortdurend twijfelen of je er wel iets over te zeggen hebt. Mag ik hier een grens trekken? Mag ik bepalen wat deze tuin nodig heeft? Neem ik niet te veel ruimte in? Misschien kan iemand anders het beter.

Ondertussen blijft het hek openstaan. Mensen lopen binnen, planten raken vertrapt, en wat zorgvuldig werd opgebouwd, krijgt onvoldoende bescherming. Niet uit kwade wil, maar omdat niemand weet wie de zorg draagt en waar de grenzen liggen. Niet kiezen lijkt misschien neutraal, of zelfs bescheiden. En toch… niet kiezen is óók kiezen.

Een tuin met een Eigenaar

Hier ligt de les van Genesis 2. Het gezag dat ons is toevertrouwd, is geen eigendom. Wat ons is gegeven, blijft van de Schepper:

‘De aarde is van de HEER, het land met al wat er leeft.’ (Psalm 24,1)

De tuin heeft een Eigenaar. Wij zijn rentmeesters, geen bezitters. Dat heeft twee gevolgen.

Ten eerste is de tuin geen verlengstuk van onze wensen en plannen. Hij heeft een eigen waarde, een eigen ritme, een eigen leven. Dat geldt voor de aarde zelf, die we niet kunnen behandelen als een wegwerpproduct. Het geldt ook voor de mensen die aan onze zorg zijn toevertrouwd: zij zijn vrije mensen met een eigen roeping.

Ten tweede is de vrucht er om te delen. Wat de tuin voortbrengt, is niet uitsluitend voor onszelf bestemd.

Gardener planting flowers in a lush brick-walled courtyard garden

Grenzen scheppen ruimte

Wie voor een klas staat, herkent dit misschien. Je wilt leerlingen ruimte geven, naar hen luisteren en hen respecteren. Tegelijk vraagt die klas om iemand die verantwoordelijkheid neemt: iemand die een duidelijk kader biedt en regels bewaakt. Niet om te overheersen, maar om een veilige leeromgeving te scheppen. Grenzen beschermen de ruimte waarin iedereen mag groeien.

Dat is ook de taak van de tuinier. Een tuin heeft een poort nodig die open kan voor ontmoeting, maar ook dicht mag wanneer kwetsbaar leven rust nodig heeft. En soms moet je ingrijpen wanneer bepaalde gewassen alles dreigen te overwoekeren. Want niet alles wat groeit, draagt bij aan de bloei van de tuin.

Destructieve patronen herkennen

Ook in ons eigen leven kan zoiets gebeuren. Patronen die we niet begrenzen, kunnen ongemerkt steeds meer ruimte innemen. Denk aan de gewoonte om altijd beschikbaar te zijn. Aan uitstelgedrag of eindeloos scrollen op je telefoon. Of aan alle energie die je verliest aan jaloezie, competitiedrang of de goedkeuring zoeken van anderen. Voor je het weet, nemen zulke gewoonten zoveel ruimte in beslag dat er nauwelijks nog plaats overblijft voor wat werkelijk belangrijk is.

Dat laatste raakt aan geestelijk gezag in het bijzonder. Wat God ons toevertrouwt, vraagt soms dat we ophouden voortdurend toestemming te zoeken buiten de tuinmuren. Je kunt niet stevig staan met één been in je roeping en het andere in de goedkeuring van anderen. Dan brengt iedere afwijzende blik je uit balans.

Wat gebeurt er als je met beide voeten in je tuin gaat staan? Dan kun je zeggen: dit is de verantwoordelijkheid die mij op dit moment is toevertrouwd. Ik hoef niet alles te weten of te kunnen om die serieus te nemen. Ik mag onderweg leren, hulp vragen en mij laten corrigeren.

Gardener standing barefoot in garden soil beside vegetables and greenhouse

Onderscheiden

Zorg dragen betekent dus zowel omkaderen als ruimte geven. Dat vraagt om onderscheidingsvermogen. Wanneer geef ik ruimte en wanneer stel ik grenzen? Wanneer spreek ik en wanneer luister ik? En wanneer is het beter om een stap terug te doen?

Na een lange wandeling keerde ik huiswaarts met het inzicht dat gezag aanvaarden helemaal niet verkeerd hoeft te zijn. Radah is in het licht van avad en shamar geen vrijbrief, maar een uitnodiging tot zelfonderzoek: waar worden wij geroepen om verantwoordelijkheid te nemen voor de tuin die ons in dit leven is toevertrouwd, en voor de aarde waarvan hij deel uitmaakt?

Misschien begint dat wel met een eenvoudig gebed.

Gebed

God,
help mij de plek te aanvaarden die U mij hebt toevertrouwd.
Geef mij de moed om daar met beide voeten te staan.
Leer mij zien wat hier wil groeien, wat bescherming nodig heeft,
wat ik mag delen en waar ik zelf moet terugtreden.
Werk door mij heen, zodat het leven in deze tuin tot bloei mag komen.
Amen.


Comments

Geef een reactie

Ontdek meer van Geworteld Geloven

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder