Soms staan we voor de uitdaging om vertrouwen te hebben in het goddelijke Masterplan met ons leven. Maar dat is niet altijd eenvoudig. Uitdagingen die onoverkomelijk lijken, kunnen als een last op je schouders drukken. Dat overkomt ook de profeet Jona en de apostel Petrus.
“Sta op, ga naar de grote stad Ninevé en predik tegen haar, want het kwaad is opgestegen voor Mijn aangezicht.” Met die opdracht van God begint het verhaal van Jona, een van de kortste boeken uit de Bijbel. Ogenschijnlijk een eenvoudige opdracht, maar zonder verdere instructies over wat er precies van Jona verwacht wordt.
Het rijk van de vijand
Verlangen we niet allemaal naar duidelijkheid als we ons op een onzekere weg begeven? Wie voor een belangrijke taak staat, bereidt zich graag goed voor. Met welke partij krijg je bijvoorbeeld te maken, welke belangen spelen er en hoe kun je de boodschap zo goed mogelijk brengen? Het zijn allemaal relevante vragen.
Jona krijgt echter bitter weinig informatie. Sta op, ga en spreek – daar moet hij het mee doen. Dat is toch wel erg summier als je weet naar waar hij naartoe moet gaan. Ninevé is in de tijd van Jona een belangrijke stad in Assyrië, een machtig rijk dat zich uitstrekt over het Midden-Oosten. De Assyriërs staan bekend om hun militaire expansie en overheersing van andere volkeren, waaronder de Israëlieten. Als je als Israëliet naar het hart van het rijk van de vijand wordt gestuurd, kun je maar beter een goed verhaal hebben.
Vluchtroute
Jona wordt in zondagsschoolverhalen vaak afgeschilderd als een held op sokken, die de benen neemt zodra hij iets moeilijks opgedragen krijgt. Als een schoolvoorbeeld van hoe het niet moet. Maar dan zijn we misschien toch iets te streng voor Jona. Want laten we eerlijk zijn: is het écht zo onbegrijpelijk dat Jona ervoor kiest te vluchten in plaats van God te gehoorzamen? Vluchtroutes uit een taak die te overweldigend lijkt, kunnen bijzonder aantrekkelijk zijn. Leugentjes om bestwil, afschuiven, uitstelgedrag – we maken ons er allemaal weleens schuldig aan. Jona’s reactie laat zien dat hij net zo menselijk is als wij, geconfronteerd met dezelfde aarzelingen en angsten.
Weg van de Heer
Jona is het Hebreeuwse woord voor duif, maar deze duif vliegt niet de kant uit waarheen hij gezonden wordt. Waarheen dan wel? We lezen dat hij wegvlucht van Ninevé om de boot te nemen naar Tarsis. Maar er is nog iets belangrijkers dan de geografische route die hij aflegt, want liefst driemaal vermeldt Jona 1:1-11: “weg van de Heer”. Driemaal – het Bijbelse getal van de volheid.
Jona vlucht dus vol overtuiging weg van de Heer. Dat is zijn diepste intentie. Maar zijn plan is al vanaf het begin gedoemd om in het water te vallen, want hoe kan een mens de Eeuwige ontvluchten? Een illusie, blijkt uit de woorden van de profeet Jeremia:
“Ben Ik een God van nabij, en niet een God van verre? Zou iemand zich op verborgen plaatsen kunnen verbergen, en zou Ik hem niet zien? Vervul Ik niet de hemel en de aarde?”
Jeremia 22:23-24
Jona in zwaar weer
Jona’s vlucht leidt dan ook tot storm, onrust en gevaar. Hij neemt de boot naar Tarsis, maar een comfortabele overtocht wordt het niet. Jona is nog maar nauwelijks aan boord of het schip komt in zwaar weer terecht. De opvarenden besluiten vervolgens het lot te werpen om te achterhalen wie dat onheil over zich heeft afgeroepen. Het lot valt meermaals op Jona. De verdere toedracht kennen we waarschijnlijk wel: Jona wordt overboord geworpen, verdwijnt in de diepten van de zee en wordt opgeslokt door een grote vis. Pas in de buik van dat dier begint hem iets te dagen. Wegvluchten was misschien toch niet zo’n goed idee.
Schoorvoetend op weg gaan
Het verhaal van Jona leert ons dat je soms maar beter de wegen kunt gaan waartoe je geroepen bent, hoe moeilijk die ook kunnen zijn. Zelfs als je niet alle details hebt. Zelfs als je meer vragen hebt dan antwoorden. Als je schoorvoetend gaat, niet wetend hoe je avontuur zal aflopen. Als je met je mond vol tanden staat, twijfelt aan jezelf en duizendmaal struikelt.
De wegen die God in ons hart legt, komen niet altijd met duidelijke condities. Soms vraagt God ons om een sprong in het diepe te wagen. Zodat we juist door de uitdaging kunnen groeien, ontwikkelen en leren. En niet te vergeten: zodat we herstel en genezing (teshuva) kunnen brengen in een gebroken wereld. Want dat is waartoe we allemaal geroepen zijn.
Universele liefde
Jona is geroepen om zijn eigen comfort op te offeren voor het welzijn van anderen, maar waarom uitgerekend de bewoners van Ninevé? Waarom stuurt God een Israëliet naar een vreemd volk dat geen boodschap had aan Gods geboden? Het lijkt allemaal niet logisch. Jona had dus kunnen zeggen: ‘Wat die mensen daar doen, zijn toch zeker mijn zaken niet?’ Als Israëliet, behorend tot een ander volk, zou hij een punt hebben gehad.
Maar dat is niet het Masterplan. Want dit is de boodschap die God geeft: “Jona, ik wil dat je opstaat, naar Ninevé gaat en hen de boodschap brengt van Mijn ontferming, zodat Ik hun levens voorgoed kan veranderen.”
Jona’s blik reikt niet verder dan zijn eigen volk en belangen. Maar God toont Jona hoe groot en universeel Zijn liefde is. Zijn hart gaat niet alleen uit naar het volk Israël, maar naar mensen van alle natiën en talen ter wereld. Ja, zelfs naar dat losgeslagen volk uit Ninevé.
Geen ontsnappen aan
“Weg van Gods aangezicht”, dat was Jona’s eerste reflex. Maar juist die vluchtroute leidt naar de storm en de donkerste diepten. De God die Jona had willen ontvluchten, blijkt in alle elementen aanwezig: van de storm tot het water dat de boot draagt. Zelfs de waterdieren bewegen mee met Gods plan. Er is geen ontsnappen uit de goddelijke orde waarin Jona geplaatst is om een unieke rol te vervullen.
Een soortgelijk thema vinden we in het Mattheüsevangelie, als de leerlingen van Jezus in een boot zitten die op drift is geraakt. Over het water zien ze een gestalte naderen, en aanvankelijk denken ze dat het een spook is. De paniek slaat toe. Maar het blijkt Jezus te zijn, die Petrus opdraagt om over het water naar Hem toe te wandelen. Opnieuw een bovenmenselijke uitdaging. En wat zien we? Zolang Petrus zich richting Jezus’ aangezicht beweegt, gaat alles goed. Maar zodra hij zijn blik afwendt en zich laat leiden door angst voor de storm, gaat het mis. Petrus zinkt weg in de golven. Gelukkig reikt Jezus hem op tijd de hand.
Spiegel
We zijn misschien geneigd de verhalen van Jona en Petrus te zien als schoolvoorbeelden van hoe het niet moet. Als de misstappen van twee mannen die geroepen waren een stap in geloof te zetten, maar die door hun twijfel onderuit gingen.
Maar Jona en Petrus houden ons een spiegel voor. Hun verhaal is ook ons verhaal. Hoe vaak twijfelen we niet? Ook wij maken verkeerde keuzes, nemen overhaaste beslissingen, zeggen dingen waar we later spijt van krijgen. We vergissen ons in de routetracker van het leven, nemen verkeerde afslagen en keren weer om. We zijn allemaal geroepen om naar Gods aangezicht toe te bewegen, maar soms bewegen ook wij weg van God. En in plaats van over het water voert onze weg vaak door de donkere diepten van de zee. Maar ook dan mogen we vertrouwen dat Gods hand ons vasthoudt en leidt. Zoals koning David schrijft in de psalmen:
“Nam ik de vleugels van de dageraad, woonde ik aan de einden van de zee, ook daar zou Uw hand mij leiden en Uw rechterhand mij vasthouden.”
Psalm 139:7-8
Zelfs al zijn de stormen in ons leven nog zo fel en de oceanen diep, en zelfs al maken we de grootste fouten, Gods liefde en genade zijn altijd groter. Zijn hand is niet te kort om ons te verlossen. Laten we daarom in vertrouwen met God op weg gaan. Samen kunnen we de wereld aan!
Dit is de tekst van de preek van 13 augustus 2023 door drs. Kelly Keasberry in de protestantse kerk van Leuven.


Geef een reactie