Van lafhartigheid naar heldenmoed

In een cultuur waar positiviteit centraal staat, is lafheid een beetje taboe. “Geloof in jezelf en alles is mogelijk”, scanderen de predikers van de law of attraction op YouTube. Wie heeft nog de moed om toe te geven dat hij (of zij) af en toe een beetje laf is? Toch hoort lafhartigheid bij het menszijn. Zelfs Jezus kende, toen hij wist welk lot Hem te wachten stond, een moment van vrees. Maar juist door Zijn angsten onder ogen te zien, kon Hij een moedige beslissing nemen.

Lafhartigheid – of lafheid – kan verlammend werken. Volgens het woordenboek duidt het woord “lafheid” op de neiging om keuzes te maken die van weinig moed getuigen. Heb jij daar ook weleens last van? Dan ervaar je in je dagelijks leven misschien deze gevolgen:

  • Je wordt geplaagd door gedachten als: “Had ik maar…”
  • Je durft niet duidelijk voor je mening uit te komen
  • Je probeert iedereen te vriend te houden
  • Je twijfelt om je mond open te doen uit angst iets verkeerds te zeggen
  • Je vertoont uitstelgedrag of vindt het moeilijk tot actie over te gaan
  • Je past je aan aan je omgeving
  • Je doet soms dingen waar je niet achter staat
  • Je vraagt je vaak af: “wat zullen de mensen ervan denken?”

Doe maar normaal

Wat is de oorzaak van lafheid? Allereerst kan het te maken hebben met ons karakter. Ben je van nature een bedachtzaam mens, dan is dat een krachtige eigenschap. Maar soms kun je doorschieten in je schaduwzone: lafhartigheid. Dat is wanneer je niet meer in je kracht staat, maar stress en vrees de overhand krijgen.

Lafhartigheid kan evenzeer worden aangemoedigd door onze omgeving. Door perfectionistische ouders of leerkrachten, als je veel kritiek hebt gekregen, als er voortdurend druk op je wordt uitgeoefend of als je je staande moet zien te houden in een zeer veeleisende, onpersoonlijke en competitieve werkomgeving. In zulke situaties denk je wel drie keer na voordat je je mond opendoet.

Jammer, want lafhartigheid heeft grote gevolgen. Het belangrijkste is dat je meestal niet het leven leidt dat je zou willen leiden; dat je niet de keuzes maakt die je zou willen maken. Het is net alsof iets onzichtbaars je tegenhoudt. Dat zwarte engeltje op je linkerschouder, dat je influistert: “Doe maar normaal. Wat zouden de mensen ervan denken?” Of: “Dat idee is niet realistisch. Als je daarmee komt, verklaart iedereen je voor gek”.

Kracht, liefde en bezonnenheid

Lafhartigheid belet je te dromen, ze belemmert je een visionair te zijn. Het gevolg van het luisteren naar dat ontmoedigende stemmetje is dat alles bij het oude blijft. Ook de apostel Paulus had er vermoedelijk mee te maken. In zijn tweede brief aan Timotheüs schrijft hij het volgende:

God heeft ons niet een geest van lafhartigheid gegeven, maar een geest van kracht, liefde en bezonnenheid. Schaam je er dus niet voor om van onze Heer te getuigen; schaam je ook niet voor mij, die omwille van hem gevangenzit, maar deel in het lijden voor het evangelie, met de kracht die God je geeft.

2 Timotheüs 1:7-8

Hij spreekt over een geest van lafhartigheid (pneuma deilias). Het Griekse woord pneuma betekent wind, adem of geest. Het komt 383 keer voor in de Bijbel. Meestal verwijst het naar de heilige Geest van God, maar soms ook naar onreine geesten. Met andere woorden: geesten die tegengesteld zijn aan de heilige Geest, zoals lafhartigheid tegengesteld is aan moed.

Foto door Pixabay op Pexels.com

Bijbelse bezonnenheid

Betekent dat dat het verkeerd is om vrees te voelen? Of om een voorzichtig type te zijn dat niet roekeloos het roer omgooit? Integendeel!

God heeft ons niet een geest van lafhartigheid gegeven, maar een geest van kracht, liefde en bezonnenheid.

Tegenover de lafhartigheid staan de eigenschappen kracht, liefde en en bezonnenheid. Het Griekse woord sōphronismou dat voor “bezonnenheid” is gebruikt, staat voor zelfbeheersing, discipline en voorzichtigheid. Dat duidt dus op een houding van doordacht en weloverwogen handelen. Om een klein misverstand uit de weg te ruimen:

  • Roekeloosheid is niet te verwarren met moed.
  • Bezonnenheid staat niet gelijk aan lafhartigheid.

Het wezenlijke verschil tussen bezonnenheid en lafhartigheid is dat lafheid wordt ingegeven door angst. Maar de bezonnenheid waar Paulus over spreekt, gaat samen met kracht en liefde. In het aloude spreekwoord “bezint eer ge begint” schuilt dus een diepe wijsheid. Sta je voor een beslissende stap in je leven? Stel jezelf eens de volgende drie vragen:

  • Is dit een wijze beslissing die bijdraagt aan het algeheel welzijn?
  • Sta ik sterk; ben ik gegrondvest in Gods Woord en in Zijn liefde?
  • Handel ik uit liefde voor God, voor mijn naasten en voor mezelf?

Witte Donderdag

Vandaag, op Witte Donderdag, gedenken we een klassiek verhaal van heldenmoed. Tijdens het Laatste Avondmaal deelde Jezus het brood en de wijn met Zijn discipelen, wetende wat voor lot Hem te wachten stond. En zelfs al wist Hij dat degene die Hem uiteindelijk zou overleveren, met Hem aan tafel zat.

Jezus had kunnen vluchten of vechten, maar Hij verkoos niet toe te geven aan de lafhartigheid. Jezus nam het moedige besluit Zijn kruis te dragen, uit liefde voor ons. Die bevrijdende Liefde mag ook vandaag voor jou en mij een bron van inspiratie zijn.

Een inspirerende Witte Donderdag!

Foto door Lukas op Pexels.com

Witte Donderdag

Al een jaar lang beheerst de coronacrisis het nieuws én ons openbare leven. De afgelopen jaren ontwikkelden we nieuwe technologieën, we stampten multinationals uit de grond en legden dijken aan. We konden zelfs het water bedwingen. Steeds meer vatte de gedachte post dat het leven maakbaar was. Totdat een minuscuul virus uit Wuhan plots barsten sloeg in dat optimistische vooruitgangsgeloof.

Het coronavirus confronteert ons met beelden die we in het Westen al bijna waren vergeten: die van overvolle ziekenhuizen, van virologen die ondanks al hun kennis soms ook met de handen in het haar zitten, een gebrek aan vaccins. Maar bovenal confronteert het coronavirus ons met de kwetsbaarheid van het menselijk leven.

Laatste Avondmaal

Op Witte Donderdag gedenken we de vooravond van Jezus’ sterven. Nog eenmaal gaat Hij tijdens het laatste avondmaal met Zijn leerlingen om tafel. Maar wat een feestelijk samenzijn rond Pascha zou moeten zijn, heeft een bittere bijsmaak. Ettelijke steden heeft Jezus bezocht, zieken heeft Hij genezen, demonen uitgedreven, en onder dat alles verkondigde Hij een boodschap die vaak regelrecht inging tegen de gevestigde orde. Jezus deed dat alles uit volle overtuiging van Zijn missie op Aarde. Maar die maakte ook dat Hij opviel. En wie zijn nek boven het maaiveld uitsteekt, we weten het allemaal: die krijgt niet alleen fans en volgers, maar ook vijanden. Die laatste avond, omringd door Zijn leerlingen, wist Jezus exact wat Hem te wachten stond.

“Als je na je overlijden één herinnering mee zou mogen nemen naar het hiernamaals, welke zou dat dan zijn?” Dat is de vraag die de Nederlandse Jacky de Goor voorlegde aan een uiteenlopende doelgroep van mensen. De antwoorden bundelde ze in het boek Je leven in één herinnering. De rode draad die uit alle verhalen naar voren komt, is verbinding. Hoe succesvol mensen ook zijn, aan het eind van hun leven koesteren ze bovenal de momenten dat ze omringd waren door hun dierbaren. Bij Jezus is dat niet anders. Door het brood te delen en de beker van het verbond rond te laten gaan, laat Hij zijn dierbaren een laatste gebaar na. “Doe dit tot Mijn gedachtenis”, drukt Hij ze op het hart.

Voeten wassen

Tweeduizend jaar later krijgt dat gebaar nog altijd navolging. In kerken overal ter wereld wordt het Heilig Avondmaal gevierd. Een ritueel dat in de uiteenlopende tradities een verschillende betekenis heeft gekregen, en dat in coronatijden niet altijd meer kan worden gevierd. Toch kunnen we aan de essentie ervan – verbintenis met Christus en met onze naaste – nog altijd volop gehoor geven. Ook vandaag nodigt Jezus ons uit ons leven met anderen te delen. Om elkaar de hand te reiken, het brood te delen met wie honger heeft. En bovenal: om Jezus’ gedachtenis levend te houden door in Zijn voetsporen te treden en Zijn boodschap van vrede en naastenliefde gestalte te blijven geven, dwars door alle omstandigheden heen.

Meer nog dan in brood en wijn, kunnen wij Hem gedenken in de mate waarin we anderen dienstbaar zijn. Jezus waste Zijn discipelen de voeten. Maar bovenal toonde Hij ons een Liefde die ernaar zoekt zich te verbinden; die niet heerst maar dient, en die niet op zichzelf kan blijven bestaan, maar pas echt op volle smaak komt wanneer ze wordt uitgedeeld.

Rituelen kunnen inhoudsloos worden als we er gedachteloos aan deelnemen. Maar al te vaak doen we dingen op de automatische piloot, of we beseffen niet de achterliggende betekenis ervan. Zo kan het ook gaan met het Heilig Avondmaal. Maar dat is niet wat Christus van ons vraagt. Bovenal nodigt Hij uit tot een geesteshouding van overgave, zodat Zijn brood ons kan voeden en Zijn wijn in staat is onze geestelijke dorst te lessen.

‘Ik ben het brood dat leven geeft,’ zei Jezus. ‘Wie bij mij komt zal geen honger meer hebben, en wie in mij gelooft zal nooit meer dorst hebben.’

Johannes 6, 35

Een fijne en verbindingsvolle Witte Donderdag toegewenst!

Verder lezen?

  • Exodus 12, 1-8; 11-14
  • 1 Korinthe 11, 23-26
  • Johannes 13, 1-15